Mag neuroloog medische gegevens delen?

Uit onze praktijk

De neuroloog van het Flevoziekenhuis heeft zonder melding vooraf DAT het een mogelijkheid was, gegevens betreffende mijn rijvaardigheid doorgegeven aan het RIVD. Ik kreeg dit vandaag, bij het gesprek met de internist te horen DAT het reeds was doorgegeven: Ik zou NU al niet meer mogen rijden. Er is toch iets als een medisch geheim? Ik heb hier geen toestemming voor gegeven. Ik had indien nodig, maar zeker en eventueel na een 2nd opinion zelf die melding gegeven. ALS ik daarvoor de gegevens had gekregen. Die heb ik ook nu nog niet…
Wat kan ik nu nog doen?

Deze cliënt wilde zijn rijbewijs laten verlengen en moest hiervoor een rijbewijskeuring (75+) doen. Bij de neuroloog werden er een aantal korte testen en onderzoeken uitgevoerd. De testresultaten bleken behoorlijk laag te zijn, waarna de neuroloog een melding deed bij het CBR. In beginsel verbrak de neuroloog daarmee zijn beroepsgeheim, maar in sommige gevallen is dat rechtmatig:
Als een behandelend arts een patiënt heeft die in zijn ogen niet geschikt is voor het besturen van een motorvoertuig of er een wijziging van de gezondheidstoestand is, kan deze arts een vermoeden van ongeschiktheid melden bij de directeur van het CBR.
Wanneer de arts deze melding verstuurd, verbreekt hij zijn beroepsgeheim. Hierover staat in de KNMG richtlijn ‘Omgaan met medische gegevens’ het volgende: “Heeft een arts informatie over een patiënt die hij vanwege zijn beroepsgeheim niet mag prijsgeven, maar komt hierdoor een ander concreet belang in het gedrang? Dan kan hij in een ‘conflict van plichten’ komen. In dat geval kan hij besluiten het beroepsgeheim te doorbreken.”
Ook heeft de KNMG in het verleden 5 cumulatieve criteria opgesteld als hulpmiddel voor artsen bij het besluit om het beroepsgeheim wel of niet te doorbreken: alles is gedaan om toestemming te krijgen, er is geen andere weg, er dreigt schade voor derden, doorbreken beperkt de schade, de arts is in gewetensnood.
In bepaalde situaties mag een arts dus zijn beroepsgeheim doorbreken.

 

Stichting Wetswinkel Almere

Odessa Mamber
Aankomend jurist

Is fatbike met gashendel gelijk aan motorvoertuig?

Door: Mr. Gérard Koopal

Een probleem wat tegenwoordig steeds vaker voorkomt is een jonge bestuurder op een opgevoerde fatbike die al dan niet van een gashendel is voorzien en daardoor zelfstandig, zonder te trappen, zich kan voortbewegen of harder kan rijden dan is toegestaan (25 km.), om als elektrische fiets met trapondersteuning te kunnen worden gezien.

Het opvoeren van een elektrische fiets dan wel fatbike is meestal niet erg moeilijk en wordt door jonge bestuurders onder de 16 jaar graag gedaan. Hiermee worden deze fietsen niet meer als goedgekeurd beschouwd en dat kan consequenties hebben. Vooral jonge bestuurders van deze vehikels zijn zich niet bewust wat dit betekent als er een ongeluk plaats vindt. Voor (goedgekeurde en toegelaten) pedeleks, snorfietsen en brommers moet je 16 jaar zijn en heb je een rijbewijs, een verzekering en een helm voor de bestuurder en bijrijder nodig als wettelijke verplichting.

Voor elektrische trap ondersteunende fietsen gelden al deze verplichtingen niet. Dat wordt echter anders als de fiets wordt opgevoerd en/of van een gashendel wordt voorzien. Daardoor wordt de fiets gezien als een motorvoertuig.

In onderstaande zaak komen al deze aspecten naar voren.

Een 11-jarige op een fatbike botst tegen een rijdende bestelauto die beschadigt raakt. De eigenaar van de bestelauto daagt de ouders van de fatbike voor de rechter om schadevergoeding.

De kantonrechter stelt dat de veroorzaker (11 jaar) nog geen 14 jaar oud is en dus is een onrechtmatige daad niet aan hem toe te rekenen. Daarom worden de ouders aansprakelijk gesteld.

Voor de vraag of de schade dient te worden vergoed is van belang of het voertuig is aan te merken als een motorvoertuig. De ouders stellen dat de fiets op de Nederlandse markt wordt verkocht met een gedeactiveerde gashendel zodat deze als een fiets met trapondersteuning wordt beschouwd. De rechter gaat hierin mee zodat de reflexwerking van art. 185 WVW niet van toepassing is en de ouders niet aansprakelijk zijn voor de schade op dit vlak.

Tevens wordt gekeken of de fiets harder reed dan 25 kilometer. Dat is niet vast komen te staan. Wel heeft de bestuurder een verkeersfout gemaakt maar deze niet opzettelijk of met bewuste roekeloosheid gemaakt.

Eiser kon ook geen beroep op overmacht doen zodat de schade aan zijn auto in beginsel voor een deel voor eigen rekening komt.

Voor het gedeelte van de schadevergoeding aan de eiser maakt de rechter een causaliteitsafweging (oorzaak en gevolg) en een eventuele billijkheidsregel. Een causaliteit van 80% vindt de rechter redelijk maar door toepassing van een billijkheidscorrectie blijft daar nog maar 50% van over.

De jeugdige bestuurder (11 jaar) komt er hier nog goed vanaf maar bij een gelijke zaak kan dat heel anders aflopen! De ouders moeten dus 50% van de schade aan de eiser betalen.

Dus 14 jaar of ouder (maar ook jonger!) en een opgevoerde fatbike met of zonder gashendel? Je bent niet verzekerd en als je een ongeluk krijgt kan dit jouw en je ouders een hoop geld kosten!

Mr. Gérard Koopal
senior jurist

Recht op omgang met kleinkinderen?

Jarenlang ben ik twee dagen per maand oppas oma geweest voor onze kleinkinderen. Nu onze zoon is gescheiden, zie ik ze nog maar zelden omdat hun moeder ze naar de kinderopvang brengt. Ik mis ze heel erg. Heb ik recht op een omgangsregeling?

 

Kinderen hebben recht op omgang met hun eigen ouders. En ook met andere mensen met wie zij in een nauwe persoonlijke betrekking staan. Je zou denken dat opa’s en oma’s dat per definitie zijn, maar dat is niet zo. Volgens het recht moet je dan kijken of er sprake is van een meer dan normale band tussen opa/oma en de kleinkinderen. Oftewel: ze moeten een tijd bij jullie hebben gewoond of je moet vaker dan normaal hebben opgepast. Bij dat laatste geldt dat deze meer is dan het gebruikelijke contact tussen opa/oma en kleinkinderen. En dat is vaak niet het geval. Niet alleen is dat voor opa/oma jammer, maar ook voor de kleinkinderen. Opa’s en oma’s vervullen vaak een bijzondere rol in de opvoeding van kleinkinderen en jullie vormen een deel van hun afstamming. Bij twee dagen in de maand oppassen verwacht ik niet dat er sprake is van een “nauwe persoonlijke betrekking” die recht op omgang geeft. Ook al zijn jullie nog zo dol op elkaar. Probeer daarom op goede voet met jullie zoon en ex-schoondochter te blijven. Dan is contact makkelijker te regelen.

 

Ingrid Maste
Hillen van Tol
Advocaten Mediators

Gedragsaanwijzing voor overlast bezorgende huurder

Gedragsaanwijzing voor overlast bezorgende huurder

(Art. 3:296, 6:231, 6:265, 7:201, BW; art. 237, 254, 611a Rv)

 

Een vrouwelijke huurder die huurt van een woningstichting veroorzaakt in de nabije omgeving veel overlast door te schreeuwen, krijsen en luide muziek te spelen. Tevens klagen omwonenden dat de huurder mensen in buurt bespioneert en fotografeert, hetgeen zij als een aantasting van hun privacy zien.

De huurder verdedigde zich met te stellen dat zij gepest wordt en dat haar gedrag daarop een reactie is. Inmiddels zijn meerdere buren van de overlast bezorgende huurster verhuisd vanwege het gedrag van hun buurvrouw. De verhuurder schakelt woonbegeleiding in maar dit biedt geen soelaas. Daarop komt de verhuurder met de huurster een gedragsaanwijzing overeen. De huurster weigert echter medewerking daaraan te verlenen.

De woningstichting daagt de huurder voor de kantonrechter en eist een gedragsaanwijzing en nakoming daarvan om zich als een goed huurder te gedragen met daaraan gekoppeld een dwangsom van € 100,00 per dag indien zij zich daaraan niet houdt. Grondslag daarvoor is dat de huurder tekortschiet in de verplichting zich als goed huurder te gedragen.

De rechter is dezelfde mening toegedaan en oordeelt dat de huurster zich als goed huurder dient te gedragen, ook als de buren haar zouden pesten. Zij moet zich derhalve onthouden van het veroorzaken van overlast en het (af)reageren op buren. De rechter stelt tevens vast dat de woningstichting meermaals heeft getracht haar gedrag te laten aanpassen en dat de buren steevast voorzichtig moeten handelen om de huurster niet te ontstemmen en dat meerdere buren om haar zijn verhuisd.

Op grond van bovenstaande acht de kantonrechter het gepast dat de gedragsaanwijzing een aangewezen middel is om tegen de overlast van de huurster op te treden en wordt de eis van de woningstichting toegewezen.

(Deze uitspraak is gepubliceerd in de Prg. 2024/124; ECLI:NL:RBNN: 2023:5495.)

 

Mr. Gérard Koopal

Stichting Wetswinkel Almere
Senior jurist

 

Kinderalimentatie stoppen bij schuldsanering?

Een paar jaar geleden heeft de rechter vastgesteld dat ik € 500 kinderalimentatie moet betalen. Nu zit ik sinds kort in de vrijwillige schuldsanering. Van mijn leefgeld kan ik geen alimentatie betalen. Mag ik dan stoppen met betalen?

 

Je kan gebruik maken van de vrijwillige (gemeentelijke) schuldhulpverlening en de Wettelijke (WSNP). Als je in de WSNP zit heeft een rechter-commissaris het vrij te laten bedrag vastgesteld. Soms is de alimentatieverplichting daarin meegenomen, maar meestal niet. En als daar geen rekening mee is gehouden, is het geld waarvan jij moet leven te laag voor alimentatie. Een rechter zal desgevraagd de alimentatie dan op nul zetten. Maar bij een gemeentelijke of vrijwillige schuldhulpverlening is er geen rechter aan te pas gekomen die het vrij te laten bedrag vaststelt. De gemeente bepaalt dat bedrag zelf. De Hoge Raad heeft pas geoordeeld dat het dan geen vanzelfsprekendheid is dat de alimentatie op nul wordt gesteld. Wel moet dan met de schulden, de noodzaak ervan en aflossingen rekening gehouden worden. Je moet buiten de WSNP dus meer bewijzen als de rechter moet beslissen. In beide gevallen mag je pas stoppen met betalen als óf je ex hiermee heeft ingestemd óf de rechter dit heeft bepaald. Ook moet je bij het vaststellen van jouw leefgeld altijd (schriftelijk) vragen of er rekening gehouden kan worden met je betalingsverplichtingen voor de alimentatie. Leg afspraken over stoppen van alimentatie altijd schriftelijk vast.

 

Ingrid Maste
Hillen van Tol
Advocaten Mediators

 

Beëindiging van huwelijk of geregistreerd partnerschap

BEËINDIGING VAN HUWELIJK OF GEREGISTREERD PARTNERSCHAP

Om een huwelijk of geregistreerd partnerschap te beëindigen, moet een advocaat worden ingeschakeld. Een advocaat kan helpen met de procedure en kan het verzoek tot echtscheiding bij de rechter indienen. Het is verstandig om een vFas advocaat in te schakelen.

 

Wel/geen gefinancierde rechtsbijstand

Als u in aanmerking komt voor gefinancierde rechtsbijstand (dit houdt kort gezegd in dat de staat een groot deel van de advocaatkosten betaalt en u alleen een eigen bijdrage betaalt) dan kunt u een korting van €61,- krijgen op de eigen bijdrage. U zou hiervoor in aanmerking kunnen komen als het bruto-inkomen van u en uw partner niet meer is dan €44.000,-. Als u worstelt met de psychosociale gevolgen van een echtscheiding, zou u een afspraak kunnen maken met het Wijkteam bij u in de buurt.

 

Het echtscheidingsconvenant

Een advocaat kan helpen bij het maken van (financiële) afspraken. De afspraken die u maakt, komen in een echtscheidingsconvenant te staan en in het geval van kinderen in een ouderschapsplan. In het echtscheidingsconvenant staan afspraken over de verdeling van de woning, de verdeling van bezittingen (o.a. spullen, auto, huisdieren) schulden (hypotheek, niet betaalde facturen of achterstanden m.b.t. bepaalde rekeningen), vermogen (spaargeld of bijv. levensverzekering, geld op de bankrekening), pensioen (melden bij de pensioen verstrekker dat u gaat scheiden en mogelijk heeft u recht op een deel van het pensioen van uw ex-partner). Verder kunt u een lijst maken voor de verdeling van de boedel en inventariseren wat de bezittingen en schulden zijn.

 

Schulden en bezittingen

Als u bij het aangaan van uw huwelijk of geregistreerd partnerschap geen afspraken heeft gemaakt, geldt sinds 1 januari 2020 dat u in beperkte gemeenschap van goederen bent getrouwd. Dit houdt in dat alle bezittingen die voor het huwelijk van jullie samen waren en de bezittingen en de bezittingen en schulden die jullie gedurende het huwelijk hebben verkregen in de gemeenschap van goederen vallen. Dit houdt in dat u beide eigenaar bent van de bezittingen en schulden en beiden kan worden aangesproken voor de schulden.

 

Partneralimentatie

Ook kunnen in het echtscheidingsconvenant afspraken worden gemaakt over partneralimentatie. De hoogte hiervan is afhankelijk van de draagkracht van uw partner en uw behoefte. De duur van de partneralimentatie is in beginsel 5 jaar maar er kunnen uitzonderingen op deze regel worden gemaakt. De partneralimentatie kan langer voortduren in schrijnende gevallen. Dit is aan de orde als de beëindiging van partneralimentatie te zeer ingrijpend is bijv. bij ziekte of blijvende arbeidsongeschiktheid. Via rechtwijzer.nl kunt u een globale berekening maken van de partneralimentatie.

 

Kinderen en ouderschapsplan

Als sprake is van gezamenlijk gezag over de kinderen (dat is het geval als u getrouwd bent geweest, een geregistreerd partnerschap heeft gehad, of als uw partner de kinderen heeft erkend na 1 december 2023 of als u gezamenlijk gezag heeft aangevraagd) dan moet er een ouderschapsplan worden opgesteld. Dit is een document waarin alle afspraken staan over de opvoeding en de verzorging van de kinderen. In het ouderschapsplan moeten afspraken staan over hoe de zorg- en opvoedtaken worden verdeeld. Dit houdt in dat er in ieder geval afspraken moeten worden gemaakt over wanneer de kinderen bij welke ouder zijn, hoe lang ze daar verblijven en waar ze hun hoofdverblijf hebben. Ook moeten er afspraken worden gemaakt over het halen en brengen van de kinderen. Verder moeten in het ouderschapsplan afspraken staan over de manier waarop en hoe vaak ouders elkaar informatie geven over belangrijke dingen omtrent de kinderen. Tevens moeten er afspraken in staan over hoe de kosten van verzorging en opvoeding worden verdeeld, bijv. hoeveel kinderalimentatie er wordt betaald. Dit is verplicht totdat uw kinderen 21 jaar zijn. De hoogte van de kinderalimentatie is afhankelijk van de draagkracht van uw partner en de behoefte van uw kinderen.

Daarnaast moet in het ouderschapsplan worden vermeld hoe jullie beslissingen nemen over belangrijke onderwerpen zoals de schoolkeuze. Als de kinderen 12 jaar of ouder zijn dan kunnen zij worden gehoord door de rechter. Zij krijgen dan de mogelijkheid om hun mening te geven over de afspraken die jullie hebben gemaakt (bijv. bij wie ze gaan wonen, hoe ze hun verjaardag vieren, bij we ze zijn in de vakanties zijn enz.) Tot slot kunnen er afspraken worden gemaakt over medische zaken, verhuizing, vakanties, bedtijd, schoolkeuze enz.

 

LBIO

Als  na de echtscheiding blijkt dat een van de partners zich niet houdt aan de afspraken over kinder- of partneralimentatie dan kunt u voor de inning van de alimentatie het LBIO inschakelen. Mocht u vragen hebben over wat er allemaal komt kijken bij een echtscheiding dan kunt u via de website van de Wetswinkel een afspraak maken voor een van onze spreekuren.

 

Stichting Wetswinkel Almere

Burgemeester bij Wetswinkel Almere

Burgemeester Hein van der Loo bij de Wetswinkel

Op woensdag 17 juli heeft burgemeester Hein van der Loo de Wetswinkel bezocht en heeft hij zich laten informeren over het werk van de Wetswinkel.

De Wetswinkel is een vrijwilligersorganisatie met ca. 30 enthousiaste en kundige vrijwilligers. De meeste vrijwilligers zijn of studerende aan de Universiteit of werken als jurist in o.a. het bedrijfsleven, de vakbond of hebben een eigen (juridisch) kantoor.
Er worden 4 avonden per week spreekuren gehouden, waar altijd een junior en een senior jurist aanwezig zijn.
De Wetswinkel neemt tijd voor de mensen, helpt ze in stappen en cliënten mogen altijd weer terugkomen om verder geholpen te worden.

De burgemeester was onder de indruk van het goede werk dat de Wetswinkel voor de Almeerder doet.

Wetswinkel laat verkeersboete vernietigen

Betrokkene heeft een inleidende beschikking gekregen voor: “als bestuurder de zich niet langs de rand van de rijbaanverharding bevindende doorgetrokken streep overschrijden met verkeer in beide richtingen” (feitcode R617B). Betrokkene is niet staande gehouden en ontkent de gedraging.

Uit artikel 5 van de Wahv volgt het uitgangspunt dat wanneer een gedraging wordt geconstateerd, de ambtenaar de bestuurder staande houdt en zijn identiteit vaststelt, zodat hem een sanctie kan worden opgelegd. Slechts wanneer er geen reële mogelijkheid is geweest om de identiteit van de bestuurder vast te stellen, mag de sanctie aan de kentekenhouder worden opgelegd.

Uit het dossier blijkt dat de verbalisanten betrokkene niet staande hebben gehouden in verband met “verkeersdrukte”. Ik ben van oordeel dat deze onderbouwing in strijd is met het motiveringsbeginsel. De vermeende gedraging was namelijk om 01:30 ‘s nachts geconstateerd. De officier van justitie heeft de beschikking vernietigd. ⭐️

Alparslan Sertkaya
Senior intaker

Kan ik verkoop woning tegenhouden?

Mijn man en ik zijn vorig jaar gescheiden. We hebben nog wel samen een huis. Hij wil dat ons huis wordt verkocht zodat hij wat anders kan kopen. Maar dan sta ik met onze kinderen op straat. Kan ik verkoop tegenhouden?

 

Er is een hoofdregel die bepaalt dat niemand tegen zijn wil in een onverdeelde gemeenschap hoeft te blijven. Je kan altijd verdeling vorderen bij de rechter. Maar de wet geeft ook de mogelijkheid om de verdeling voor een maximale termijn van drie jaar uit te stellen. En dat betekent dat een rechter een belangenafweging kan maken. Het belang van jouw ex om te verkopen en een andere woning te kopen tegen het belang van jou om met de kinderen nog even te kunnen blijven wonen. Het is dan wel de vraag of drie jaar voldoende tijd geeft om wat anders te vinden. En het is ook van belang of jouw ex nu bij vrienden “op de bank” slaapt of al goede woonruimte heeft. Als hij geen goed contact met de kinderen kan hebben omdat hij niet over eigen woonruimte beschikt, is dat wel iets om rekening mee te houden. Je kan de verkoop proberen tegen te houden en dan voor maximaal drie jaar. Als de rechter dat al toewijst, zal je je uiterste best moeten doen om binnen die tijd woonruimte te vinden.

 

Ingrid Maste
Hillen van Tol
Mediators Advocaten

WEL OF GEEN KINDERONTVOERING?

Vorige week is mijn ex met onze kinderen verhuisd naar Frankrijk. Ik vind het vreselijk omdat ik ze dan haast niet meer zal zien. Ik heb de kinderen wel erkend, maar heb geen gezag. Is dit kinderontvoering en kan ik nog wat doen om ze terug te krijgen?


Alleen als je verhuist naar het buitenland in strijd met het gezagsrecht van de ander ouder is er sprake van kinderontvoering. Maar jij hebt geen gezag. Dat kan je wel alsnog aanvragen en dat is ook aan te bevelen, maar dat maakt het niet met terugwerkende kracht alsnog kinderontvoering. Je staat gelukkig niet met lege handen. Want jij hebt family life met jullie kinderen. Het Internationaal Verdrag voor de rechten van het Kind en het Europees Verdrag voor de rechten van de mens maken geen verschil tussen ouders met en zonder gezag. De Raad voor Europa heeft in de Principles (nr 7) geregeld dat voor een verhuizing toestemming nodig is van de andere ouder of de rechter. De rechter kan dan toetsen of (alsnog) toestemming wordt verleend aan de hand van een aantal criteria. Jij kan de rechter vragen om terugverhuizing omdat de omgangsregeling tussen jou en de kinderen wijzigt. De Nederlandse rechter is nog drie maanden na de verhuizing bevoegd. Het moment van het indienen van een verzoek is daarvoor bepalend. Daarom is het belangrijk om zo snel mogelijk contact met een goede familierechtadvocaat van de vFAS op te nemen en een verzoek in te dienen.

Ingrid Maste

Hillen van Tol
Advocaten en Mediators