Belastingproblematiek bij wonen thuis of in een tehuis

Eigen bijdrage CAK en belastingproblematiek bij wonen thuis of in een tehuis.

Wet op de WMO                                                                                                                Bekend zal zijn de zorg die wordt geregeld via de wet op de Wmo. Gemeenten ondersteunen mensen en ouderen met een ziekte of beperking. Deze mensen wonen thuis. Het doel is dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen en dat zij goed mee kunnen doen in de maatschappij. Dit is geregeld in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Officieel heet deze wet Wmo 2015.

Veelvoorkomend is de huishoudelijke hulp. Meestal 2 of 3 uur per week. Voor deze hulp / ondersteuning betaalt men meestal een eigen bijdrage van € 19 per maand, ongeacht hoeveel hulp er is. Deze eigen bijdrage is sinds een aantal jaren inkomensonafhankelijk. Andere ‘maatwerkhulp’ voorzieningen zijn bijvoorbeeld aanpassingen aan de woning, vervoersvoorzieningen, dagbesteding, rolstoel / scootmobiel.

De Wlz (Wet Langdurige Zorg)                                                                              Deze wet gaat uit van een andere logica: de Wlz weegt de omgeving niet mee bij het bepalen van de zorgbehoefte, de Wmo wel. Wlz-zorg is een ‘recht’ op zorg dat wordt vastgesteld op basis van harde (objectiveerbare) criteria,

Sinds 2015 geldt dat personen met een Wlz-indicatie (vroeger AWBZ) in aanmerking komen voor het verblijf in een (particulier) verpleeghuis, GHZ-instelling (gehandicaptenzorg) of GGZ-instelling (geestelijk gezondheidszorg).

De te betalen eigen bijdrage Wlz is wél inkomensafhankelijk. De LAGE eigen bijdrage varieert van € 171 tot € 900 per maand. Het vermogen kan hierbij een rol spelen. De HOGE eigen bijdrage is verschuldigd als men alleenstaand is óf er gekozen wordt voor de AOW voor alleenstaanden. Bij deze keuze altijd advies vragen! De hoge eigen bijdrage bedraagt maximaal € 2469 per maand. Men houdt altijd een ‘zakgeld’ over. Voor de berekening van de Lage c.q. de Hoge eigen bijdrage heeft het CAK handige berekeningstools beschikbaar op de site.

 

Problemen

Problemen bij het wonen thuis kunnen vragen zijn op welke ondersteuning men recht heeft. Bekend is hierbij het keukentafelgesprek. De hulpvrager, een gespreksvoerder van de gemeente, een Wmo- of jeugdconsulent, medewerker wijkteam en/of de mantelzorger kunnen bij dit gesprek aanwezig zijn.

 

De Wet langdurige zorg (Wlz) regelt de zorg voor mensen die 24 uur per dag zorg in de nabijheid en/of permanent toezicht nodig hebben. Deze langdurige intensieve zorg wordt meestal aangevraagd via de huisarts. Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) beoordeelt of er aan de voorwaarden voor Wlz wordt voldaan. Onafhankelijke cliëntondersteuning wordt o.a. op wens gegeven door het Zorgkantoor of door een derde partij zoals de stichting MEE.

 

De Wetswinkel kan vragen krijgen over het recht op ondersteuning / hulp. Bovenstaande informatie geeft een eerste aanzet daartoe. De regelgeving is ingewikkeld: hoofdzaken, bijzaken, allerlei uitzonderingen. Op het gebied van de te betalen eigen bijdrage gaat het niet altijd goed. Berucht is hierbij de miscommunicatie tussen CAK, Zorginstituut, SVB. Waardoor er verkeerde berekeningen worden gemaakt of bedragen moeten worden terugbetaald.                En er is de belastingproblematiek. Te beginnen bij het Persoonsgebonden Budget (is inkomen voor de hulpverlener) Of in de Wlz: de keuze die gemaakt kan worden voor de AOW voor gehuwden of de AOW voor alleenstaanden. De gevolgen die er bij de Wlz zijn voor de belastingaangifte en toeslagen (huurtoeslag, zorgtoeslag) van met name fiscaal partners.

 

Bij de ouderenbonden ben ik specialist op de terreinen van Wlz / verpleeghuis, overlijden en toeslagen. Vanuit de Wetswinkel kan er uiteraard een beroep op mij worden gedaan op dit gebied van belastingen / toeslagen. Zeker in de verpleeghuissituatie (1 partner thuis, 1 partner op een ander adres) is deskundig advies aan te bevelen.

 

Stichting Wetswinkel Almere

Pieter Schakel

Wat is een peildatum?

Wij zijn zonder bezoek aan de notaris getrouwd en willen gaan scheiden en dat goed regelen. Zelf willen we die scheiding voorbereiden. Mijn schoonvader ligt op sterven en heeft geen testament. Moeten we de erfenis ook verdelen? We hebben gehoord over een peildatum.

 

Bij een scheiding zal hetgeen gemeenschappelijk is, verdeeld worden. Maar dan moet je eerst weten wat er te verdelen valt. Stel je samen geen datum vast, dan is dat het tijdstip waarop de echtscheiding bij de rechtbank is ingediend. In principe geldt dan wat je daarna krijgt, van jou alleen is. Uitzondering is bijvoorbeeld een belastingteruggave of – aanslag over de huwelijkse periode. Als er een peildatum is vastgesteld voor de omvang, kijk je daarna wat er op dat moment aanwezig was. Voor de waarde van die zaken kijk je naar het moment waarop er daadwerkelijk verdeeld wordt. Dat kan een heel andere datum zijn, zeker als de scheidingsprocedure lang duurt. De rechter kan daarvan afwijken bij gebruikszaken, zoals bij een auto die alleen bij jou in gebruik is. De waarde van die zaken wordt dan bepaald op de peildatum. Het banksaldo is ook per peildatum en de hoeveelheid aandelen ook. Als je schoonvader op de peildatum niet is overleden, valt een erfenis niet in de gemeenschap en dus niet te verdelen. Maar jullie kunnen samen wat anders afspreken door een peildatum te nemen die vóór de sterfdatum ligt. Dat is in dat geval ook gunstig voor eventuele schenkingsbelasting als jij geen aandeel in de erfenis wil.

Ingrid Maste
Hillen van Tol
Advocaten Mediators

Relatieproblemen? Wacht niet!

“Relatieproblemen? Wacht niet tot er niks anders op zit dan te scheiden”

 

Maatschappelijk werker Marijke Heijkoop krijgt bij het Wijkteam Almere Stedenwijk/Literatuurwijk vaak vragen over scheiden. Samen met Almeerders kijkt ze dan hoe ze het scheidingsproces kunnen doorlopen. Al heeft Marijke liever dat inwoners eerder aankloppen bij relatieproblemen.

 

Waarom vind je het belangrijk dat inwoners nog voordat ze besloten hebben te scheiden bij het Wijkteam aankloppen?

“Scheiden is een moeilijk proces. Het vraagt veel van mensen, zeker als er kinderen bij betrokken zijn. Het is vaak ook het laatste redmiddel, terwijl wij eerder al kunnen helpen. Vanuit het maatschappelijk werk bieden wij bijvoorbeeld relatiegesprekken. Daarom is het goed om bij relatieproblemen al naar ons te komen. Je kunt je melden bij het wijkteam om een afspraak te maken. Het kennismakingsgesprek gebeurt bij ons op kantoor of bij je thuis. Het helpt om tegen iemand te praten die je niet kent, die geen oordeel over je heeft. Als maatschappelijk werker ben ik neutraal en kan ik van een afstand naar je relatieproblemen kijken. Daarna kunnen we samen kijken hoe je situatie nu is en welke stappen je moet nemen als je wilt scheiden.’

 

Welke vragen hoor je het meest?

“Ieder heeft z’n eigen verhaal, wat ook wil zeggen dat ieder weer andere vragen heeft. De meeste inwoners die bij ons komen, hebben al het besluit genomen om te scheiden. De een heeft al wat stappen in het proces gezet, de ander staat aan het begin. Vragen zijn er over huisvesting, de verdeling van de kinderen en het financiële plaatje na de scheiding. Daarnaast ondersteunen we bij het contact met de advocaat en bij het opstellen van een ouderschapsplan. Scheiden is als een grote puzzel. Ik probeer samen met jou die puzzel te leggen.”

 

Hebben jullie antwoord op al die verschillende vragen?

“We proberen zo goed mogelijk vanuit onze deskundigheid mee te kijken naar de situatie van mensen die bij ons aankloppen. Zijn er specifieke juridische vragen, dan verwijzen wij door naar de Wetswinkel. Daar werken vrijwilligers met een juridische achtergrond die ook tijd hebben voor jou als persoon. Zij kunnen een brief van de rechtbank in normale taal uitleggen of nagaan of de berekening van de alimentatie klopt. Wij werken veel samen met andere organisaties. Dus als wij het antwoord niet hebben, weten we wel waar je naartoe kunt.”

 

Tips van Marijke

  • Uit onderzoek blijkt dat relatieproblemen vaak starten als er kinderen worden geboren. Het verandert de dynamiek van de relatie en dit kan erg lastig zijn, zeker als er al persoonlijke problemen spelen. Spelen er relatieproblemen, kom dan al naar ons toe. Wacht niet tot er niks anders op zit dan te scheiden.
  • Mocht je toch besloten hebben te scheiden en je komt er niet uit, weet dan dat je je voor ondersteuning ook kunt melden bij een van de wijkteams.

Creditcheck NS kan slecht uitpakken

De creditcheck van de NS kan slecht uitpakken

Mijn klant moet voor zijn werk dagelijks van Hilversum naar Almere reizen en probeert bij de NS een maandabonnement af te sluiten voor deze rit.

Het lukt hem zelf niet omdat hij niet door de “ creditcheck” van de NS komt. Hij denkt dat de oorzaak is dat hij veel zwart gereisd heeft in het verleden en vraagt mij, als zijn beschermingsbewindvoerder, of er een oplossing is.

Bij mijn eerste poging om een abonnement af te sluiten wordt gemeld dat de “creditcheck” niet wordt toegepast, maar omdat automatisch incasseren van de 1e nota niet lukt wordt het abonnement gecanceld. Bij mensen die onder bewind staan is automatische incasso bijna altijd uitgeschakeld, omdat er geen stabiele financiële situatie is. NS geeft aan dat zij geen rekeningen sturen voor de 1e betaling.

Mijn tweede poging om een abonnement af te sluiten lukte niet omdat de “creditcheck” strikt werd uitgevoerd en mijn klant hieraan niet voldeed.

Bij navraag bij Focum vorderingenbeheer, het bureau waarnaar NS Reizigers mij doorstuurde, bleek dat mijn klant een vordering van Van Dijk Educatie van 14-08-2012 niet had voldaan.

Mijn klant is geboren in 1997 en op het moment dat de vordering ontstond was hij 14 jaar oud. De vordering was (waarschijnlijk) bedoeld voor zijn ouders.
Desgevraagd geeft Focum vorderingenbeheer aan dat de naam van mijn klant op de rekening stond en dat de schuldvordering daarom over is gegaan op mijn klant toen hij 18 jaar werd.

Focum vorderingenbeheer geeft aan dat mijn verzoek om betrokkene te schrappen als wanbetaler zal worden overwogen als daartoe een verzoek wordt ontvangen.

Ik vraag mij af hoeveel mensen de dupe worden van deze praktijk. Hoeveel mensen gedwongen worden om voor reizen met de NS dure dagkaarten te moeten kopen, omdat hun ouders, om wat voor reden ook, verzuimd hebben de rekening van middelbare schoolboeken te betalen.

Hans Oomes

Cliëntenbegeleider Wetswinkel Almere

Wetswinkel in gesprek met MEE IJsseloevers

De Wetswinkel in gesprek met …….. Maria de Graauw, Consulent sociaal juridische dienstverlening MEE IJsseloevers.
“Het werk van de consulent Sociaal Juridische Dienstverlening houdt in het geven van advies, informatie en voorlichting aan klanten, hun netwerk, collega’s en derden over wet- en regelgeving verband houdend met ziekte of beperking.”
Maria vertelt: “MEE staat voor een inclusieve samenleving, waarbij meedoen in de maatschappij kernwoorden zijn. Mensen met een beperking met dezelfde kansen, rechten en plichten, die allen kunnen meedoen in de samenleving net als mensen zonder beperking. Op alle levensgebieden. Geen onderscheid meer  tussen mensen met en zonder beperking bij de deelname aan (initiatieven in) de samenleving is het streven.”
Maria vervolgt over de taken van de SJD: “Naast deze informatieve en adviserende taak, is een belangrijk onderdeel van ons werk het voeren van klacht procedures, bezwaar -en soms beroepsprocedures op dat gebied. Denk bijvoorbeeld aan geschillen met het UWV over de Ziektewet, de WIA, de Wajong. Heel actueel momenteel. Maar ook het ondersteunen van klanten tijdens de Wet Poortwachter.”
Maria wijst ook op de Wet Maatschappelijke Ondersteuning: “ondersteunen van klanten vooral wanneer de aanvraag voor bijvoorbeeld hulp bij huishouden, individuele begeleiding is afgewezen. Het is dan de taak van de SJD om deze klanten te adviseren en eventueel te begeleiden.”
Zij vervolgt: “Dit geldt ook voor de Jeugdwet, de Zorgverzekeringswet en de Wet Langdurige Zorg. En ….wanneer een aanvraag om dubbele Kinderbijslag is afgewezen door de SVB, wat kun je daar dan tegen doen?
Een andere lastige materie: de vragen over PGB in de verschillende wetten. Wanneer kom je daarvoor in aanmerking, wat kun je doen als dit wordt afgewezen?
Voor dergelijke kwesties kun je bij de consulent Sociaal Juridische Dienstverlening van MEE terecht.”
Waar vinden klanten jullie en waar kunnen de medewerkers van de Wetswinkel dergelijke hulpvragen naar doorverwijzen?
De Wetswinkel probeert zo veel mogelijk samen te werken met de diverse ketenpartners. MEE IJsseloevers is één van deze ketenpartners, waar hulpvragers bij de Wetswinkel naar kunnen worden doorverwezen om gebruik te maken van de expertise van de sociaal juridische dienstverlening van MEE.
Met dank aan Maria de Graauw voor deze heldere uitleg over het werk van de SJD.

Eigen bijdrage CAK en belasting problematiek

Eigen bijdrage CAK en belastingproblematiek bij wonen thuis of in een tehuis.

Wet op de WMO                                                                                                                Bekend zal zijn de zorg die wordt geregeld via de wet op de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning). Deze zorg is gericht op het zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen, zoals de huishoudelijke hulp. Voor deze hulp betaalt men meestal een eigen bijdrage van € 19 per maand, ongeacht hoeveel hulp er is. Deze eigen bijdrage is inkomensonafhankelijk. Andere voorzieningen: aanpassingen woning, vervoersvoorzieningen, rolstoel / scootmobiel.

De Wlz (Wet Langdurige Zorg)                                                                              Deze wet gaat uit van een andere logica: de Wlz weegt de omgeving niet mee bij het bepalen van de zorgbehoefte, de Wmo wel. Wlz-zorg is een ‘recht’ op zorg, vastgesteld op basis van harde (objectiveerbare) criteria,

Sinds 2015 geldt dat personen met een Wlz-indicatie (vroeger AWBZ) in aanmerking komen voor het verblijf in een (particulier) verpleeghuis, GHZ-instelling (gehandicaptenzorg) of GGZ-instelling (geestelijk gezondheidszorg).

De te betalen eigen bijdrage Wlz is wél inkomensafhankelijk. De LAGE eigen bijdrage varieert van € 171 tot € 900 per maand. Ook het vermogen kan hierbij een rol spelen. De HOGE eigen bijdrage is verschuldigd als men alleenstaand is óf er gekozen wordt voor de AOW voor alleenstaanden. Bij deze keuze altijd advies vragen! De hoge eigen bijdrage bedraagt maximaal € 2469 per maand. Men houdt altijd een ‘zakgeld’ over. Voor de berekening van de Lage c.q. de Hoge eigen bijdrage heeft het CAK handige berekeningstools beschikbaar op de site.

Problemen:

Wmo: op welke ondersteuning men recht heeft?  Dit wordt besproken bij het “keukentafelgesprek”. Informatie hierover bij Wijkteam (MEE-consulent).

Wlz regelt de zorg voor mensen die 24 uur per dag zorg in de nabijheid en/of permanent toezicht nodig hebben. Deze langdurige intensieve zorg wordt meestal aangevraagd via de huisarts. Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) beoordeelt of er aan de voorwaarden voor Wlz wordt voldaan.

De Wetswinkel kan vragen krijgen over het recht op ondersteuning/hulp. Bovenstaande informatie geeft een eerste aanzet daartoe. De regelgeving is ingewikkeld. Op het gebied van de te betalen eigen bijdrage gaat het niet altijd goed. Ook door miscommunicatie tussen CAK, Zorginstituut en SVB, met als gevolg verkeerde berekeningen en terugbetalingen door cliënten.

En er is de belastingproblematiek:

Bij het PGB (Persoonsgebonden Budget) Dit is inkomen voor de hulpverlener!

Bij de Wlz: de keuze die gemaakt kan worden bij opname partner voor de AOW voor gehuwden of de AOW voor alleenstaanden. De gevolgen die er bij de Wlz zijn voor de belastingaangifte en toeslagen (huurtoeslag, zorgtoeslag) van met name fiscaal partners.

De belastingspecialist van de Wetswinkel is ook bij de ouderenbonden specialist op de terreinen van Wlz/verpleeghuis, overlijden en toeslagen. Vanuit de Wetswinkel kan er uiteraard een beroep op hem worden gedaan op dit gebied van belastingen/toeslagen. Zeker in de verpleeghuissituatie (1 partner thuis, 1 partner op een ander adres) is deskundig advies aan te bevelen.

 

Stichting Wetswinkel Almere
Pieter Schakel

Foto’s van kind op sociale media

Sociale media zijn voor mij een manier om in contact te blijven met vrienden en familie. Ik post dus vaak foto’s van mijzelf en mijn zoon van onze gezamenlijke momenten. Ik ben trots op mijn zoon en wil dat ook laten zien aan mijn volgers. Mijn ex wil dat ik die foto’s verwijder. Mag zij dat verlangen?

Als iedereen de foto’s kan zien (openbaar account), is er ook een kans op misbruik. Geoordeeld zou kunnen worden dat dit niet in het belang is van jouw zoon. Maar als de foto’s staan op een afgeschermd account, of jouw hele account alleen zichtbaar is voor familie en een groep vrienden, kan dat anders liggen. Als in die groep mensen zitten die de foto’s zouden misbruiken zou je ook hiervoor kunnen denken dat publicatie ongewenst is. Maar als hiervoor geen aanleiding is, lijkt mij dat het plaatsen van jullie foto’s niet tegengegaan kan worden. Let bij het plaatsen van foto’s op sociale media altijd op of dat in het belang is van je kind. Als het eenmaal op “het net” staat, is het uitermate lastig dat weer te verwijderen. Je weet bovendien niet wie er een kopie van heeft gemaakt en wat daarmee wordt gedaan.

 

Ingrid Maste

Hillen van Tol
Advocaten Mediation

Ik ben ziek en moet re-integreren bij mijn werkgever maar wij komen er niet uit.

Een onderwerp dat de gemoederen vaak bezighoudt is de re-integratie van een zieke werknemer. Zowel voor de werkgever als voor de werknemer brengt deze situatie bepaalde spanningen met zich waarin vragen worden gesteld als: wat zijn mijn verplichtingen als (zieke) werknemer?

De zieke werknemer

Het recht omtrent de zieke werknemer bestaat uit een ingewikkeld samenspel van wetten. Naast het Burgerlijk Wetboek zijn wetten als de Ziektewet en de Wet Arbeidsongeschiktheid van toepassing op casus die toezien op een zieke werknemer. De werknemer heeft namelijk een arbeidsovereenkomst met zijn werkgever, welke geregeld wordt door het Burgerlijk Wetboek. Daarnaast heeft de zieke werknemer een aantal rechten die gebaseerd worden op de Sociale wetgeving, zoals de ziektewet en de wet arbeidsongeschiktheid.

Hoewel het arbeidsrecht hierin een primaire rol speelt, zijn de andere wetten ook van groot belang. De hoofdregel is dat de werkgever eerst het loon van de zieke werknemer moet doorbetalen. Wanneer iemand geen werkgever meer heeft maar binnen vier weken ziek wordt,  dan kan deze zich ziekmelden bij het UWV. Men noemt dit de vangnetfunctie van de Ziektewet. Wanneer een tijdelijk contract afloopt tijdens de ziekte van een werknemer, dan vraagt de werkgever een uitkering op grond van de Ziektewet aan bij het UWV.

Om in aanmerking te komen voor een uitkering op grond van de Ziektewet, moet allereerst sprake zijn van een verzekerde. Dat ben je als je een werknemer bent. Wanneer je in loondienst bent worden er namelijk premies betaald in het kader van dergelijke sociale verzekeringen als de Ziektewet.

Naast het zijn van een verzekerde, moet je ongeschikt zijn voor je eigen werk. De reden voor ongeschikt zijn is hierbij niet relevant. Er wordt enkel gekeken of je jouw eigen werk kunt verrichten.

Tot slot mag er geen uitsluitingsgrond aanwezig zijn. Een voorbeeld van een uitsluitingsgrond is als je de AOW-gerechtigde leeftijd hebt bereikt. Binnen het sociale zekerheidsrecht bestaat namelijk de regel dat als je aanspraak kunt maken op een andere voorziening, dat je daar dan gebruik van moet maken.

Re-integratie

Er zijn aan het ontvangen van een uitkering op grond van de Ziektewet wel wat verplichtingen verbonden. Zo moet je als zieke werknemer meedoen aan re-integratie en ben je verplicht om passend werk te verrichten. Het kan dus zijn dat je werkgever jou vraagt om (tijdelijk) een andere functie te verrichten die wel passend / mogelijk is.

Over de re-integratie lopen de gemoederen regelmatig hoog op. De werknemer is het niet eens met het passende werk of de werkgever vind dat de werknemer niet voldoende zijn best doet om te re-integreren. Wanneer de re-integratie vastloopt om dergelijke redenen, dan is het mogelijk om het UWV te benaderen voor een deskundigenoordeel. Zij geven dan hun professionele oordeel over de vraag of de werknemer voldoende heeft gedaan aan zijn/haar re-integratie en of de werkgever wel voldoende heeft gedaan voor de re-integratie van de werknemer.

Een dergelijk deskundigenoordeel kan worden aangevraagd via de website van het UWV (https://www.uwv.nl/particulieren/formulieren/aanvragen-deskundigenoordeel-door-werknemer.aspx).

U kunt bij de Stichting Wetswinkel Almere terecht voor vragen over uw rechten en verplichtingen als zieke werknemer.

Mw. mr. L.C.J.M. Wörst

Senior Intaker / Algemeen Bestuurslid Stichting Wetswinkel Almere

Wetsvoorstel dubbele achternaam

Er is een wet in voorbereiding die het mogelijk maakt dat ouders hun kind een dubbele achternaam geven. Op 8 februari 2021 is een concept wetsvoorstel openbaar gemaakt ten behoeve van een zogeheten internetconsultatie. Tot 22 maart 2021 heeft iedereen opmerkingen voor verbetering van het wetsvoorstel kunnen doorgeven. Volgens de memorie van toelichting wordt met de wet tegemoetgekomen aan een toenemende vraag vanuit (een deel van) de samenleving om meer keuzevrijheid te hebben in het naamrecht. Het wetsvoorstel sluit aan bij de situatie in andere landen. Ouders in België kunnen bijv. sinds 2014 een dubbele naam aan hun kinderen geven. En in Spanje heeft iedereen automatisch een dubbele achternaam (traditioneel de eerste achternaam van de vader, gevolgd door de eerste achternaam van moederskant, maar die volgorde mag tegenwoordig ook andersom zijn).

 

De nieuwe situatie
Het huidige naamrecht geeft ouders de keuze om hun kind de naam van de ene ouder of de andere ouder te geven. De wet die nu in de maak is geeft de ouders ook de mogelijkheid om een combinatie van hun namen te kiezen. Dat geldt voor het eerste kind in een gezin dat op of na de datum van de inwerkingtreding van de wet wordt geboren. De keuze zal dan ook gelden voor eventuele volgende kinderen in een gezin.

Als ouders kiezen voor een combinatie van hun namen mogen zij zelf kiezen in welke volgorde die namen komen te staan. De dubbele achternaam mag uit niet meer dan twee namen bestaan. Er staat geen koppelteken tussen de achternamen.

 

Hoe werkt dit in de praktijk?
Ouders met de namen De Vries en Willems kunnen voor de naam van hun kind kiezen uit de volgende mogelijkheden: De Vries, Willems, De Vries Willems en Willems de Vries. En stel dat het kind de naam De Vries Willems krijgt en in de toekomst zelf een kind krijgt met iemand die ook een dubbele achternaam heeft, bijv. Groen van der Laan, dan zijn er nog veel meer opties, namelijk: De Vries Willems, Groen van der Laan, De Vries Groen, De Vries van der Laan, Willems Groen, Willems van der Laan, Groen de Vries, Groen Willems, Van der Laan de Vries of Van der Laan Willems.

Bij adoptie kan ook een combinatie gemaakt worden met de oorspronkelijke naam. Een kind met de naam Sanchez dat geadopteerd wordt door ouders De Vries en Mulder kan de volgende namen krijgen: Sanchez, De Vries, Mulder, De Vries Mulder, Mulder de Vries, De Vries Sanchez, Mulder Sanchez, Sanchez de Vries of Sanchez Mulder.

Bestaande dubbele of meervoudige achternamen (bijv. Van Bergen Henegouwen of Korthals Altes) worden behandeld als enkelvoudige namen. Zo’n naam geldt dus als één naam en kan in zijn geheel worden doorgegeven, al dan niet in combinatie met een naam van de andere ouder.

 

Als geen keuze wordt gemaakt krijgen kinderen van ouders die met elkaar zijn getrouwd of elkaars geregistreerde partner zijn, net als nu het geval is, automatisch de naam van de vader of van de duomoeder.  Bij ongehuwde of niet geregistreerde partners krijgt het kind automatisch de naam van de geboortemoeder.

 

Voorlopig gaat het nog maar om een wetsvoorstel. Het zal nog wel even duren voordat er een definitieve wet op tafel ligt.

 

Corina Valkenburg

Stichting Wetswinkel Almere

Hoe krijg ik in woning geïnvesteerde geld terug van ex?

Tien jaar geleden heb ik samen met mijn partner een woning gekocht. Ik heb hier nog veel eigen geld in gestopt en voor het restant hebben we samen een hypotheek. We hebben besloten uit elkaar te gaan. Ik blijf in het huis en hij wilt de helft van de overwaarde. Maar hoe krijg ik mijn eigen geld terug. We hebben niets op papier gezet en zijn niet getrouwd.

Je vraagt dus hoe het wettelijk is geregeld als je samen niets hebt afgesproken. Als je samen een woning koopt, is dat een “eenvoudige gemeenschap”. Ieder hoort voor de helft bij te dragen in de lasten daarvan, tenzij jullie anders hebben afgesproken. Is dat niet gebeurd, dan heb jij vanaf het moment dat jij meer hebt betaald een vordering voor de helft op jouw partner. Deze vordering verjaart na vijf jaar. Ik kan mij voorstellen dat het binnen een goede relatie niet prettig is om dit geld op te eisen. Of misschien heeft jouw partner het geld niet. Maar die verjaring kan je binnen die 5 jaar stuiten. Dat moet om bewijsredenen schriftelijk of per email. Stuiting is steeds voor de duur van de verjaringstermijn. Als jullie tien jaar geleden het huis hebben gekocht, is jouw vordering zonder stuiting vijf jaar geleden al verjaard. Juridisch kan er niets worden afgedwongen. Mogelijk dat jouw partner wel een morele druk ervaart en betaling kan worden afgesproken. Waren jullie getrouwd geweest dan is er een huwelijksgoederengemeenschap. Hiervoor zijn andere wettelijke bepalingen. Bij een ongelijke inbreng is het altijd verstandig om afspraken te maken en deze te ondertekenen. Zonder huwelijk kan dat in een overeenkomst, waarin je het bedrag, de termijn van betaling en eventuele rente vastlegt en wellicht nog een aandeel in de waardevermeerdering/vermindering. Met een huwelijk gaat dat via huwelijkse voorwaarden.

Ingrid Maste
Hillen van Tol
Advocaten Mediators